Op
het schilderij staan twee vechtende mannen.
Een arbeider, en één van adele afkomst.Achter hen
de fabriek, met arbeiders woningen en een kasteel.
Er voor spelletjes, de kansen, het geluk, de mogelijkheden, harten
vrouw, de joker.
In het midden de haan, de oproerkraaier, het mannetje, die gene
die wakker schud.
Rechts geld waar zo veel om draait, en midden boven vrouwe justitia,
nonchalant met twee wijze uilen aan haar zij.
Rondom bloemen, die staan voor onschuld, natuur.
|